[Zoeken][Index 1996][Threads 1996][Index 1998][Threads 1998]

[Date Prev][Date Next][Thread Prev][Thread Next][Datum index][Onderwerp index]

Re: Re Veerweg achtervering




> 
> > 
> >Volgens mij (ik kan er het laatste nummer van FIETS nog eens op naslaan)
> >hebben ATB's tegenwoordig wel vaak een veerweg van 10 cm op het achterwiel.
> >In ieder geval meer dan 4 cm, want de voorvorken zitten al al 6 a 7 cm
> >en de achtervorken veren dieper. 
> > 
> >Groeten van Niels,
> 
> Die 10 cm zuivere veerweg voor achtervering lijkt mij toch wat  veel. Als ik 
> de plaatjes van die gedrochten in de fiets bekijk denk ik dat met 10 cm 
> veerweg dus ook de hefboomwerking meegerekend wordt. Ik heb zon'n veer nog 
> niet in mijn handen gehad, maar op papier lijkt het huis niet veel langer 
> dan 10 tot 15 cm. Daar haal je toch geen 10 cm veerweg uit?
> 
Oh, sorry voor de verwarring, maar als ik het heb over veerweg van 
10 cm OP HET ACHTERWIEL, dan bedoel ik dat het achterwiel ten opzichte
van het frame 10 centimeter kan inveren. De veer die daarvoor nodig is,
kan met de juiste hefboomwerking genoeg hebben aan een paar centimeter.
Bij flevo gebruiken ze toch ook rubbers die ongeveer een centimeter inveren,
maar waardoor de veerweg op de naven gemeten enkele centimeters is.

> 
> P.S. Ik ben dus geen techneut maar chemicus. Mijn devies:  Wat niet meer op 
> een stukje papier uit te tekenen valt is te ingewikkeld.
>  
Die hefboomwerking is op papier uit te tekenen, dus dat moet je snappen.
                     A  B
                     |  |  
    draaipunt ->   o-------------O   <- wielas
                                 ^
                                 | kracht F op het wiel
Als je bovenstaande schematische achtervork bekijkt met een kracht F op
het achterwiel, en de lengte van de achtervork is 50 centimeter en de
gewenste veerweg is 10 centimeter, dan resulteert er een moment 
van .5*F [Nm] om het draaipunt. 
Stel dat je een veer kunt zetten op punten A en B respectievelijk op 5
en 10 centimeter van het draaipunt, dan moet de veer in A een kracht 
kunnen opvangen die 10*F groot is, omdat de arm 10 keer zo klein is,
terwijl de veer in B maar een kracht van 5*F hoeft aan te kunnen.
De benodigde veerweg bij A is maar 1 centimeter en die bij B 2 centimeter.
Duidelijk?
Het onder hoeken plaatsen van veerelementen kan misschien wel de veerweg
veranderen, maar de krachten veranderen dan ook. Houd daar rekening mee.
-- 
Groeten van Niels,
               O                                  __o
              _\\/\-%                           _`\<
_____________(_)--(_)__________________________(_)/(_)_________________
Niels Geerts                            | Email:  niels at wfw.wtb.tue.nl
Department of Mechanical Engineering    | Phone:  +31 40 2473358
Eindhoven University of Technology      | Adress: Wh -1.127, PO Box 513,
The Netherlands                        	|         5600 MB Eindhoven


-- End --


Archief homepage | Datum index | Onderwerp index